The mist of Avalon
Na mijn aankomst in het centrum van Glastonbury duw ik mijn veel te zware koffers de heuvels op.
De Airbnb blijkt namelijk hoog te liggen. De weergoden zijn me nog gunstig gezind en blazen gelukkig wel koele wind aan. Maar waar ik in Nederland met het grootste gemak tussen schuttingen van woningen door loop, sleep ik me hier een ongeluk, omdat de al ondraaglijk zware koffers ook de takken en bladeren van het gangpad op haar schouders (lees wielen) meeneemt. Ik ben volgens mij best een badass maar deze badass moet bovenaan het gangpad toch echt even bijkomen.
Na een laatste koffer-klim de trap naar boven op, tref ik mijn kamer linksboven aan. Het voelt hier fijn en rustig en eigenaresse Kamilla is niet anders. Good vibes. De gemeenschappelijke ruimtes zijn de eerste dag van mijn verblijf voor mij alleen, en overduidelijk niet voorbereid op mijn komst. Het voldoet in ieder geval niet aan de normen en waarden der hygiëne die ik van moeder Bep heb meegekregen. Het is even wat het is.
Met energie voor tien verlaat ik mijn kamer én mijn koffer en wandel ik richting de Glastonbury Tor die me langs de eerste eekhoorn en kudde koeien leidt. De paden die ik bewandel waren ooit meren. De heuvel waar de Toren (Tor) zich op bevindt was eens een eiland, omgeven door water. In de Keltische mythologie is Avalon een mystiek, nevelrijk eiland dat bekendstaat als het paradijs en een toevluchtsoord voor genezing en magie. Volgens de overlevering werd het magische zwaard van Koning Arthur, Excalibur (of Caliburn), gesmeed op het eiland. Na zijn laatste en dodelijke gevecht (de Slag bij Camlann), werd de zwaargewonde Arthur per boot naar Avalon gevaren door zijn halfzus, de tovenares Morgana. Op het eiland zou Arthur behandeld worden aan zijn verwondingen.
De legende vertelt dat hij daar rust en wacht tot het moment dat het Verenigd Koninkrijk hem in zijn grootste nood weer nodig heeft. Aldus AI en een stukje geschiedenis.
De plek zelf biedt in ieder geval een prachtig uitzicht. Onder het wolkendek boven mij omsingelen 5 buizerds de heuvel, voor me dartelen de vlinders en de heuvel zelf wordt op dit moment maar door 5 mensen bewonderd, waar ik er één van ben. Na circa 30 minuten natuur theater daal ik aan de andere kant van de heuvel weer af. Geheel onverwachts loop ik er- 40 minuten voor sluitingstijd- tegen de "Chalice Well" aan (ook wel bekend als de Rode Bron).
Men die naar Glastonbury afreist komt namelijk ook voor deze rustgevende en eeuwenoude heilige waterbron. De bron staat bekend om zijn roodachtig gekleurde water en de spirituele tuinen eromheen. De tuinen zijn prachtig en al snel daal ik neer bij de waterbronnen. Deze plek heelt absoluut want ik voel mij op een goede manier aan de grond genageld. En dus zit ik stil en adem ik, en wacht ik tot deze energie door me heen gewerkt heeft, alvorens ik op een andere plek neerdaal.
Op die andere plek, gebeurd exact hetzelfde; een gradatie sterker. De dame naast me vraagt of ze mag zingen. Ik antwoord "ofcourse" en luister en voel de heling die deze plek biedt en ontvangt. Er wordt gezegd dat de "Vrouwe van de Kelkbron/The lady of the Chalice Well een mythologische beschermgeest van de heilige, ijzerrijke rode bron is. Zij vertegenwoordigt het Goddelijke Vrouwelijke en wordt sterk geassocieerd met oude aardmagie, de Heilige Graal en de verborgen wateren van Avalon. Als het waar is wat men beweert, voel ik haar zeer zeker.
Als ik voel dat de energie afzwakt, hoor ik de conciërge van de tuinen met een belletje aan komen lopen. Time to go... Ik vul last minute mijn flesjes water en proef van dit heerlijke natuurlijke water dat inderdaad naar ijzer smaakt. Wow, wat een bijzondere plek.
Ik wandel nog even door het centrum van Glastonbury, ontmoet een van de vrouwelijke werknemers van het Goddess House en krijg een uitnodiging voor een donatie heling die de volgende dag plaatsvindt.
Vervolgens tref ik één winkel aan die nog open is en ontvang ik er een tip voor een restaurantje. Daar blijkt enkel een plekje in de tuin. Ik accepteer 'm en zit heerlijk alleen in deze "tuin" die er ietwat aftans uitziet.
Ik ben duizelig van de honger, verorber uiteindelijk in hoge snelheid het meest heerlijke brood ooit, tuf mezelf onder als ik tegen de gezellige ober praat en verontschuldig mij met wat schaamrood op mijn kaken. De ober kan er wel om lachen.
En dan is het tijd om mijn dag af te sluiten.
Nog een laatste klim omhoog en dan....bedtijd.
Liefs Jess